De typische typer is iemand die handgeschreven producten liever niet aan anderen laat lezen.
Meestal omdat het handgeschrevene slecht leesbaar is, alsof de inhoud van minder waarde is omdat de drager rommelig oogt.
Zelf ben ik zo'n type met een onregelmatig handschrift.
Het excuus dat ik gebruik is mijn gedwongen rechtshandigheid op de lagere school.
Als kind was noch uitgesproken links, noch uitgesproken rechts.
Ik hinkelde en tekende links, maar voetbalde rechts. Eigenlijk deed ik precies het tegenovergestelde van mijn ouders, zo voetbalde mijn linkshandige vader links en mijn rechtshandige moeder hinkelde weer rechts.
Na wat testjes werd besloten dat ik wel rechts kon leren schrijven. Dat heb ik geweten..
Pas als het potlood zelfs te klein voor kinderhanden was, kreeg ik een nieuwe. Voor mijn gevoel heb ik vele potloden versleten voordat ik me aan de kroontjespen mocht wagen.
Mijn klasgenoten waren toen al maanden bezig om hun karaktereigenschappen via inktvlekken te ontleden, dus bij gebrek aan een kroontjespen heb ik waarschijnlijk een achterstand opgelopen in zelf-inzicht.
Met mijn handschrift is het nooit goed gekomen en toen ik op de middelbare school een type-diploma haalde, raakte ik weliswaar verslaafd aan typex, maar via de quick brown fox ... nam ik zoveel mogelijk afscheid van handgeschreven briefjes.
een ms-dos computer maakte weer een einde aan de typex-verslaving. Hoe ik van de disketteverslaving ben af gekomen ben ik vergeten, maar dat is voor dit verhaal wat minder relevant, geloof ik.
Overigens typ ik op een tablet linkshandig met steeds afwisselende linkervingers, hoewel rechtshandig ook best lukt. Dit komt waarschijnlijk omdat een tablet de ultieme schootcomputer is voor op de bank. Terwijl ik dan links vrij heb, kan de tablet met rechts ondersteund worden. Die afwisseling van vingers is overigens rsi-gerelateerd.
En nu lees ik net dat kinderen vooral letters moeten leren schrijven om hun leesvaardigheid te verhogen.
Zelf dacht ik mijn worsteling iets was van de pre-jarenzestig-revolutie en dat de huidige kinderen op den duur wel voorschoolse typ-les zouden krijgen.
Het zal wel een wensgedachte zijn geweest van een typische typer.
hier het kennisnet-artikel, wetenschappelijk verantwoord.
Schrijven versus typen: wat zegt de neurowetenschap?
Jolien Francken
http://www.4w.kennisnet.nl/artikelen/2013/10/15/schrijven-versus-typen-wat-zegt-de-neurowetenschap/
woensdag 23 oktober 2013
maandag 14 oktober 2013
Eemplein wordt Eetplein met culinaire collectie
In de Amersfoortse Courant van afgelopen zaterdag stond een stuk over nieuwe horeca-exploitanten die zich zullen gaan vestigen aan het Eemplein.
Ter gelegenheid van de tapas/sushi en andere restaurants die zich naast het Eemhuis zullen vestigen, werd het Eemplein in het artikel omgedoopt naar het Eetplein.
Niet zo heel vreemd als je bedenkt dat de onlangs overleden Johannes van Dam, op 10 oktober 2012 in de bibliotheek samen met Claudia Roden een interessante lezing hield ter viering van de Johannes van Dam-prijs.
Waarom was die lezing in de bibliotheek Eemland ?
Ooit was er in Amersfoort een culinair museum, helaas ter ziele.
De collectie van het museum is geschonken aan de bibliotheek.
Dat is de aanleiding voor het tegenwoordige speerpunt in de collectie, de culinaire collectie.
In het hele land hebben diverse stadbibliotheken speerpunten toegewezen gekregen, zo heeft Almere de thema's water en newtown, heel toepasselijk voor een waterrijke nieuwe stad.
Amersfoort met de historie van een culinair museum en een steeds belangrijkere plek als toeristische trekpleister,
heeft nu al een Eetplein en een eetcollectie in opbouw.
In samenwerking met de Universiteit van Amsterdam, afdeling bijzondere collectie's is het oudere meer bijzondere deel van de oude collectie ontsloten en de zullen delen daarvan in het Eemhuis zichtbaar worden gemaakt.
De meer kwetsbare en zeldzame uitgaven worden in een vitrine getoond.
Op de website is voor het thema al wat ruimte gemaakt, maar de echte werking is pas zichtbaar in de loop van 2014, na de opening van het Eemhuis aan het Eetplein, sorry Eemplein.
Ter gelegenheid van de tapas/sushi en andere restaurants die zich naast het Eemhuis zullen vestigen, werd het Eemplein in het artikel omgedoopt naar het Eetplein.
Niet zo heel vreemd als je bedenkt dat de onlangs overleden Johannes van Dam, op 10 oktober 2012 in de bibliotheek samen met Claudia Roden een interessante lezing hield ter viering van de Johannes van Dam-prijs.
Waarom was die lezing in de bibliotheek Eemland ?
Ooit was er in Amersfoort een culinair museum, helaas ter ziele.
De collectie van het museum is geschonken aan de bibliotheek.
Dat is de aanleiding voor het tegenwoordige speerpunt in de collectie, de culinaire collectie.
In het hele land hebben diverse stadbibliotheken speerpunten toegewezen gekregen, zo heeft Almere de thema's water en newtown, heel toepasselijk voor een waterrijke nieuwe stad.
Amersfoort met de historie van een culinair museum en een steeds belangrijkere plek als toeristische trekpleister,
heeft nu al een Eetplein en een eetcollectie in opbouw.
In samenwerking met de Universiteit van Amsterdam, afdeling bijzondere collectie's is het oudere meer bijzondere deel van de oude collectie ontsloten en de zullen delen daarvan in het Eemhuis zichtbaar worden gemaakt.
De meer kwetsbare en zeldzame uitgaven worden in een vitrine getoond.
Op de website is voor het thema al wat ruimte gemaakt, maar de echte werking is pas zichtbaar in de loop van 2014, na de opening van het Eemhuis aan het Eetplein, sorry Eemplein.
vrijdag 4 oktober 2013
column over gedachtekronkels in de columnles
Als ik het woord column schrijft, voel ik een lichte angst voor dyslexie, je hoort de laatste 'n' niet, maar je schrijft hem wel.
Maar daar moet je gewoon doorheen schrijven heb ik begrepen, de angst voor fouten is funest, de kans op correctie achteraf zijn oneindig, zolang je je verzinsel maar niet publiceert.
Gisteravond mocht ik gastheer spelen voor een aantal cursisten en de columniste Annette Verspoor, die ons les gaf. Als koffieman en gebouwafsluiter mocht ik ook meedoen. Nu wil ik natuurlijk wel wat vertellen, maar de les ga ik hier niet beschrijven, want gisteren heb ik begrepen dat een beschrijving geen column is.
Wel kan ik verklappen dat ik door het lezen van een kronkel van Simon Carmiggelt over burenruzie en luistervinken, mijn beeld van Carmiggelt enigzins heb bijgesteld.
Zelf dacht ik dat hij of in de kroeg zat of bij Renate Rubinstein was, maar dat klopt niet helemaal.
Want in de eerste alinea voert hij het karakter van Boris Karloff op, de ruziemakende buurman lijkt enigzins op hem.
Dus behalve kronkels schrijven, Renate beminnen en drank innemen, ging hij hoogstwaarschijnlijk ook weleens naar de bioscoop.
In de zestiger jaren werden deze enge Frankenstein films nog niet op de televisie vertoond.
Hoewel ?
Waarom ken ik de acteur die in de film het monster van Frankenstein speelt ?
Ja, natuurlijk heb ik over hem gelezen, maar dat was pas later, de eerste herinnering aan Boris was veel sterker.
Nog in de tijd dat je een early adopter was als je een zwart-wit televisie had, in de jaren zestig, maakte ik kennis met het monster van Frankenstein.
Door mijn oudere broers werd ik grondig voorbereid op mijn eerste horrorfilm op televisie.
Uiteindelijk bleek hun goedbedoelde uitleg in combinatie met mijn verbeelding veel enger dan de film zelf.
Ver voor de film zat ik al op het puntje van mijn stoel. Toen de film uiteindelijk begon zakte de opwinding langzaam tot een aanvaardbaar 'voorlezen voor het slapengaan" -niveau.
Boris Karloff viel wel meteen op, ook door die rare buisjes aan weerszijden van zijn nek en zijn hoge voorhoofd dat meer wees op een ongewone hoogbegaafdheid dan op krankzinnigheid.
Toen ik besefte dat hij lief voor niet-pestende kinderen was, sloot ik Boris als monster in mijn hart en nog nooit heb ik later een enge droom gehad waarin Boris K. een misdadige rol had.
Carmiggelt had na het bioscoopbezoek echter duidelijk een ander Boris-Karloff associatie. Ondanks zijn speelse geest was hij allang geen kind meer.
Waarschijnlijk was het monster van Frankenstein voor Carmiggelt de horror-variant van de enge buurman die je niet in je buurt wilt hebben. En als zo'n type dan toch je nieuwe bovenbuurman wordt, dan zet je dat natuurlijk meteen in de eerste alinea van je nieuwste kronkel.
Maar daar moet je gewoon doorheen schrijven heb ik begrepen, de angst voor fouten is funest, de kans op correctie achteraf zijn oneindig, zolang je je verzinsel maar niet publiceert.
Gisteravond mocht ik gastheer spelen voor een aantal cursisten en de columniste Annette Verspoor, die ons les gaf. Als koffieman en gebouwafsluiter mocht ik ook meedoen. Nu wil ik natuurlijk wel wat vertellen, maar de les ga ik hier niet beschrijven, want gisteren heb ik begrepen dat een beschrijving geen column is.
Wel kan ik verklappen dat ik door het lezen van een kronkel van Simon Carmiggelt over burenruzie en luistervinken, mijn beeld van Carmiggelt enigzins heb bijgesteld.
Zelf dacht ik dat hij of in de kroeg zat of bij Renate Rubinstein was, maar dat klopt niet helemaal.
Want in de eerste alinea voert hij het karakter van Boris Karloff op, de ruziemakende buurman lijkt enigzins op hem.
Dus behalve kronkels schrijven, Renate beminnen en drank innemen, ging hij hoogstwaarschijnlijk ook weleens naar de bioscoop.
In de zestiger jaren werden deze enge Frankenstein films nog niet op de televisie vertoond.
Hoewel ?
Waarom ken ik de acteur die in de film het monster van Frankenstein speelt ?
Ja, natuurlijk heb ik over hem gelezen, maar dat was pas later, de eerste herinnering aan Boris was veel sterker.
Nog in de tijd dat je een early adopter was als je een zwart-wit televisie had, in de jaren zestig, maakte ik kennis met het monster van Frankenstein.
Door mijn oudere broers werd ik grondig voorbereid op mijn eerste horrorfilm op televisie.
Uiteindelijk bleek hun goedbedoelde uitleg in combinatie met mijn verbeelding veel enger dan de film zelf.
Ver voor de film zat ik al op het puntje van mijn stoel. Toen de film uiteindelijk begon zakte de opwinding langzaam tot een aanvaardbaar 'voorlezen voor het slapengaan" -niveau.
Boris Karloff viel wel meteen op, ook door die rare buisjes aan weerszijden van zijn nek en zijn hoge voorhoofd dat meer wees op een ongewone hoogbegaafdheid dan op krankzinnigheid.
Toen ik besefte dat hij lief voor niet-pestende kinderen was, sloot ik Boris als monster in mijn hart en nog nooit heb ik later een enge droom gehad waarin Boris K. een misdadige rol had.
Carmiggelt had na het bioscoopbezoek echter duidelijk een ander Boris-Karloff associatie. Ondanks zijn speelse geest was hij allang geen kind meer.
Waarschijnlijk was het monster van Frankenstein voor Carmiggelt de horror-variant van de enge buurman die je niet in je buurt wilt hebben. En als zo'n type dan toch je nieuwe bovenbuurman wordt, dan zet je dat natuurlijk meteen in de eerste alinea van je nieuwste kronkel.
woensdag 2 oktober 2013
E-reader voor energiek Afrika
Zelf ben ik in de tijd inmiddels al weer veel verder gereisd, maar de enige Afrika-reis die ik ooit maakte is in mijn herinneringen nog nauwelijks vervaagd.
Het bezoek in 1986, meer dan 25 jaar geleden, staat me nog levendig en kleurrijk voor de geest.
Het stof, de rode aarde, de vele mensen die eindeloze afstanden liepen langs onverharde wegen, de steden waar mannen in pakken inclusief de bijbehorende aktetas gehaast voorbij liepen. In Kenia was het toen niet ongewoon dat dan aan de overkant van de straat een onverstoorbaar kijkende, als medicijndokter uitgetooide keniaan liep. En natuurlijk veel arme mensen die zich te voet verplaatsten, de trui of broek was soms wat gescheurd, schoenen inventief opgelapt.
Stilstaan in Nairobi, betekende dat werd je aangesproken, vragen staat vrij. Dus bedelen, schoenenpoetsen of een enkeltje Europa, alles kwam ter sprake. Al snel leerde we dat we doelbewust moesten kijken en lopen. En dat vooral omdat we niet graag nee zeggen.
Tijdens het reizen in bussen, matatu's en safaribusjes, zagen we toen vele keuterboeren met een klein lapje grond. Groene grootgebladerde bananenplanten stonden bij huisjes zonder electricteitsvoorzieningen. Meestal onderdak voor uitgebreide familie's.
Deze levendige herinneringen en ontmoetingen gaven mij vooral het besef dat Afrika jong, vitaal en kansrijk is.
In het hoofdkantoor van de Verenigde Natie's is onlangs een Nederlands cadeau geinstalleerd, een grote wit-betegelde wand van e-inkt, die naar keuze zwart kan worden gemaakt of teksten laat zien. De ewall wordt hij genoemd.
Ooit zag ik een radio die je kon opladen door aan een handel te draaien.
Geen batterij nodig en daarom heel geschikt voor ontwikkelingslanden.
Een door de zon opgeladen e-reader lijkt me heel geschikt ter bestrijding van
laaggeletterdheid in ontwikkelingslanden.
e-inkt kan energiearm toegepast worden, alleen het omslaan van de pagina kost electriciteit, tijdens het lezen van de pagina (zonder achtergrondverlichting in het scherm)wordt geen energie opgebruikt.
Daarom dacht ik aan een Zon-powered e-reader. Mocht het knijpkatprincipe of draaischijfje beter werken in de praktijk, dan kan dat ook. Bij succes kunnen er straatstalletjes bemand worden waar je eboeken kan opladen, stel ik me zo voor, want in Afrika gebeuren dat soort zaken altijd op straat.
Laatst las ik ergens dat er nu ook een e-inkt reader is die op android draait, waardoor er in principe internet beschikbaar kan komen als er wifi in de buurt is. Zelfs een zwart-wit en traag internet kan in een ontwikkelingsland een heel kostbaar bezit zijn. Als snelle lezer ben ik de juiste tekst vergeten, maar toch een vrije vertaling van strenge lerarenlessen:
"De trage lezer mag je het plezier van een goed geheugen niet onthouden."
Misschien dat de mobiele telefoon deze toebedachte nuttige rol van de ereader al heeft overgenomen, maar het lijkt me dat een groot deel van de wereldbevolking nog geen smartphones kan kopen of opladen.
dinsdag 24 september 2013
Professoren gebuisd voor Engels
Laatst schreef ik iets extra markmogelijkheden voor Nederlandse auteurs, op voorwaarde dat ze tegelijkertijd in het Engels zouden publiceren.
Nu kwam ik een Belgisch berichtje tegen over gebuisde professoren.
Gebuisd ? Zijn ze in de buizenpost gestopt, zodat de beter doorstromen ? Of moesten ze verplicht een kaartje kopen voor de Londense tube ?
Nu ja, als er tussen het Nederlands en Vlaams zulke misverstanden kunnen ontstaan, in welk mijnenveld begeven wij ons dan eigenlijk als we proberen ons verstaanbaar te maken in het Engels.
In Belgie bleken er een aantal professoren te zijn, die wegens onvoldoende beheersing van de Engelse taal, geen les meer mochten geven in het Engels. Misschien zouden zij ook gebuisd worden voor de Nederlandse lessen, maar die worden natuurlijk niet gegeven in Belgie.
Het zijn kleine oprispingen in de wetenschappelijke wereld, die aangeven dat het Engels weliswaar het oude Latijns en Grieks heeft vervangen als internationaal communicatiemiddel, maar dat dit ook gepaard gaat met achterstanden.
Eigenlijk moeten de gebuisde Belgen achterstandlessen in het Engels gaan volgen. Dan kunnen er meteen wat Nederlandse wetenschappers en andere beroepsgroepen aansluiten.
Of gaat de techniek een einde maken aan de Babylonische spraakverwarring ?
Zelf lees ik wel eens Skandinavische teksten die in leesbaar maar soms ook mysterieus Nederland zijn vertaald,
helemaal geautomatiseerd via google.
Dit blogje zou waarschijnlijk leuker worden als ik daarvan een aansprekend voorbeeld geef, maar die schieten mij zo niet te binnen. Loop ik ook geen risico om Skandinavisch gebuisd te worden..
artikel stond in de Belgische tijd:
Een op tien professoren gebuisd voor Engels http://t.co/xFp8eoLD7Y
— De Tijd (@tijd) September 23, 2013
dinsdag 17 september 2013
Partizanen participeren in de bibliotheek
In de troonrede die vanmiddag is uitgesproken door onze nieuwe koning, is de overgang van de zorg- naar de participatie-samenleving aangekondigd.
Dat de zorgmaatschappij, zoals die in Nederland sinds decennia kon worden onderhouden, eigenlijk allang op zijn retour was, is eigenlijk wel bekend. Met de VVD als grootste partij in Nederland, kan dat eigenlijk ook niet anders.
Maar die participatie-samenleving is voor mij een nieuwe term. Zijn we nu allemaal partizanen geworden, plotseling na de troonrede ?
Nu ja, ik weet ook wel dat participeren en partizanen niet zoveel met elkaar met elkaar hebben, maar wie weet dat tegenwoordig nog, zonder het op te zoeken ?
Klinkt toch veel leuker dan participerende mede-nederlanders, of iets vergelijkbaars.
Maar met de oplopende werkloosheid gaat het participatie-model qua werk, snel bergafwaarts.
Het alternatief voor de velen die tijdelijk werkloos zijn geworden is eigenlijk de bibliotheek,
mits je wat zelflerend vermogen hebt, natuurlijk.
Zet in de winter thuis de verwarming wat lager, ga naar de bibliotheek en verwarm je lichaam en geest aan geletterd voedsel.
Natuurlijk kun je plezierlezen, goed voor je taalvermogen en uitdrukkingsvaardigheid.
Maar je kunt jezelf ook veel leren en jezelf laten inspireren. Handig voor een baan bij de baas of als zelfstandige. En het schijnt ook nog goed voor je hersenen te zijn. En je komt ook nog eens onder de mensen, zonder dat je wat hoeft te kopen.
Boeken, beetje ouderwetse natuurlijk, voldoen eigenlijk heel goed voor leren zonder afleren.
Wat ik bedoel is dat boeken, voordat ze worden gepubliceerd, eerst worden nagekeken door een uitgeverij, daarna maakt de bibliotheek voor de zekerheid ook nog een selectie van de betere publicatie's op elk vakgebied.
En de boeken die die dubbele selectie zijn doorgekomen, zijn beschikbaar voor iedereen.
Ook de struktuur van vele doehetzelf leerboeken is zo opgebouwd, dat je de basis als eerste krijgt.
En een boek kan dik genoeg zijn om gecompliceerde onderwerpen, als een serie lessen zonder leraar, in 1 band op te nemen.
Er is meestal Wifi, er staan computers, er zijn databanken met woordenboek, encyclopedie etc.
Dus, in mijn verlopige interpretatie van de participatie-maatschappij, een advies:
Ook voor ongewilde partizanen zonder werkparticipatie,
kom naar het zelfleerparadijs voor leren met gratie.
Dat de zorgmaatschappij, zoals die in Nederland sinds decennia kon worden onderhouden, eigenlijk allang op zijn retour was, is eigenlijk wel bekend. Met de VVD als grootste partij in Nederland, kan dat eigenlijk ook niet anders.
Maar die participatie-samenleving is voor mij een nieuwe term. Zijn we nu allemaal partizanen geworden, plotseling na de troonrede ?
Nu ja, ik weet ook wel dat participeren en partizanen niet zoveel met elkaar met elkaar hebben, maar wie weet dat tegenwoordig nog, zonder het op te zoeken ?
Klinkt toch veel leuker dan participerende mede-nederlanders, of iets vergelijkbaars.
Maar met de oplopende werkloosheid gaat het participatie-model qua werk, snel bergafwaarts.
Het alternatief voor de velen die tijdelijk werkloos zijn geworden is eigenlijk de bibliotheek,
mits je wat zelflerend vermogen hebt, natuurlijk.
Zet in de winter thuis de verwarming wat lager, ga naar de bibliotheek en verwarm je lichaam en geest aan geletterd voedsel.
Natuurlijk kun je plezierlezen, goed voor je taalvermogen en uitdrukkingsvaardigheid.
Maar je kunt jezelf ook veel leren en jezelf laten inspireren. Handig voor een baan bij de baas of als zelfstandige. En het schijnt ook nog goed voor je hersenen te zijn. En je komt ook nog eens onder de mensen, zonder dat je wat hoeft te kopen.
Boeken, beetje ouderwetse natuurlijk, voldoen eigenlijk heel goed voor leren zonder afleren.
Wat ik bedoel is dat boeken, voordat ze worden gepubliceerd, eerst worden nagekeken door een uitgeverij, daarna maakt de bibliotheek voor de zekerheid ook nog een selectie van de betere publicatie's op elk vakgebied.
En de boeken die die dubbele selectie zijn doorgekomen, zijn beschikbaar voor iedereen.
Ook de struktuur van vele doehetzelf leerboeken is zo opgebouwd, dat je de basis als eerste krijgt.
En een boek kan dik genoeg zijn om gecompliceerde onderwerpen, als een serie lessen zonder leraar, in 1 band op te nemen.
Er is meestal Wifi, er staan computers, er zijn databanken met woordenboek, encyclopedie etc.
Dus, in mijn verlopige interpretatie van de participatie-maatschappij, een advies:
Ook voor ongewilde partizanen zonder werkparticipatie,
kom naar het zelfleerparadijs voor leren met gratie.
donderdag 29 augustus 2013
Stormvloedkering en macht van vele suggesties
Als mens wordt je vaker dan je lief is beroepsmatig ingedeeld, een bibliothecaris hoort goed te kunnen lezen en ordenen, een fotograaf kan goed kijken, een direkteur kan goed de baas spelen etc.
Als je als mens op deze manier doordrenkt wordt van je beroep, door oefening en educatie en alles alleen kan bekijken door deze bril, dan noemt men dat ook wel beroepsdeformatie.
Je bent als mens meestal veel veelzijdiger en de moderne communicatiemiddelen zoals bloggen, twitter e.d., geven
een platform waarop je suggesties kan geven over terreinen die normaal gesproken buiten je gezichtsveld liggen.
Je hebt je er niet echt in verdiept, je hebt er geen verstand van, maar je denkt zomaar dat je wel een deel van de oplossing kunnen geven.
In ieder geval is het heel makkelijk om die lekensuggestie te geven. Vroeger moest je al met een expert spreken of een brief schrijven naar zo iemand of naar de krant of iets dergelijks. Dat soort dingen doe je als leek natuurlijk niet zo snel, maar de tijden zijn veranderd.
Natuurlijk zijn de echte experts ook niet dom en in 99 % van de gevallen, hebben ze jouw suggestie al bedacht, overwogen en af laten vallen. Te duur, te ingewikkeld, niet echt een oplossing voor het probleem etc.
Toch ben ik er van overtuigd dat juist ook lekenoplossing, soms iets bieden, juist omdat het een oplossing geeft van buitenaf. Zonder het denkraam van de deskundigen, zoals Maarten Toonder het zou zeggen. Out of the box, zeggen ze tegenwoordig.
Is er al een wetenschappelijk instituut die lekensuggestie's verzameld, eigenlijk ? Of doen onderzoekers dat eventueel individueel ?
Nu ja, een hele inleiding voor een simpele leken-suggestie.
Probleem zoals ik het begrijp
De stormvloedkering wordt bedreigd door grote gaten, die gaten zijn ontstaan door de sterke stroming.
Een hele groep van ingenieurs heeft hun bezorgheid uitgesproken, er is te weinig frequent gestort, waardoor de
noodstortingen 'geen zoden aan de dijk zetten' of beter uitgedrukt 'geen gat kunnen dempen'.
De stortingen bestaan uit 'metaalslakken', de restanten van ijzererts, die overblijven in de hoogovens als het ijzer onttrokken is.
de suggestie
Rijg een Slakken-kralensnoer of gebruik ander materiaal als slakken niet zo geschikt zijn voor het rijgproces.
Als een kralensnoer te ingewikkeld is, dan kan een netje worden gebruikt, of containers, of een ketting van geregen containers.
Wat ik in feite suggereer: maak op een goedkope manier een gatendemper, die minder vaak hoeft te worden aangevuld, omdat hij door de verbindingen te zwaar is om door de stroming meegevoerd te worden.
Als je als mens op deze manier doordrenkt wordt van je beroep, door oefening en educatie en alles alleen kan bekijken door deze bril, dan noemt men dat ook wel beroepsdeformatie.
Je bent als mens meestal veel veelzijdiger en de moderne communicatiemiddelen zoals bloggen, twitter e.d., geven
een platform waarop je suggesties kan geven over terreinen die normaal gesproken buiten je gezichtsveld liggen.
Je hebt je er niet echt in verdiept, je hebt er geen verstand van, maar je denkt zomaar dat je wel een deel van de oplossing kunnen geven.
In ieder geval is het heel makkelijk om die lekensuggestie te geven. Vroeger moest je al met een expert spreken of een brief schrijven naar zo iemand of naar de krant of iets dergelijks. Dat soort dingen doe je als leek natuurlijk niet zo snel, maar de tijden zijn veranderd.
Natuurlijk zijn de echte experts ook niet dom en in 99 % van de gevallen, hebben ze jouw suggestie al bedacht, overwogen en af laten vallen. Te duur, te ingewikkeld, niet echt een oplossing voor het probleem etc.
Toch ben ik er van overtuigd dat juist ook lekenoplossing, soms iets bieden, juist omdat het een oplossing geeft van buitenaf. Zonder het denkraam van de deskundigen, zoals Maarten Toonder het zou zeggen. Out of the box, zeggen ze tegenwoordig.
Is er al een wetenschappelijk instituut die lekensuggestie's verzameld, eigenlijk ? Of doen onderzoekers dat eventueel individueel ?
Nu ja, een hele inleiding voor een simpele leken-suggestie.
Probleem zoals ik het begrijp
De stormvloedkering wordt bedreigd door grote gaten, die gaten zijn ontstaan door de sterke stroming.
Een hele groep van ingenieurs heeft hun bezorgheid uitgesproken, er is te weinig frequent gestort, waardoor de
noodstortingen 'geen zoden aan de dijk zetten' of beter uitgedrukt 'geen gat kunnen dempen'.
De stortingen bestaan uit 'metaalslakken', de restanten van ijzererts, die overblijven in de hoogovens als het ijzer onttrokken is.
de suggestie
Rijg een Slakken-kralensnoer of gebruik ander materiaal als slakken niet zo geschikt zijn voor het rijgproces.
Als een kralensnoer te ingewikkeld is, dan kan een netje worden gebruikt, of containers, of een ketting van geregen containers.
Wat ik in feite suggereer: maak op een goedkope manier een gatendemper, die minder vaak hoeft te worden aangevuld, omdat hij door de verbindingen te zwaar is om door de stroming meegevoerd te worden.
woensdag 28 augustus 2013
Buiksprekers in de prenatale fase
Gisteren stond er een berichtje in de Volkskrant, over ongeboren kinderen die al luisteren en klanken kunnen herkennen.
Veel was er niet bekend, maar in Finland waren er wel proeven gedaan, die er op wezen dat baby's sterker reageerde op woorden die 'vooraf' waren gehoord.
Onmiddelijk dacht ik aan een bibliotheek-cursus voor zwangere vrouwen en hun vruchten, als je dat zo mag zeggen.
Ook de naam voor de cursus was snel gevonden, buikspreker leek me wel wat, buikfluisteraar bedacht ik later en Prena-talig daarna.
Het ergste wat een kind tegenwoordig kan overkomen, is dat het een achterstand oploopt, met name op taalontwikkelingsgebied.
Daarom zijn er programma's zoals Boekstart ontwikkeld, met babyboekjes en de Voorleesexpress,het stimuleren van voorlezen.
Eerlijk is eerlijk, het stimuleren van luisteren/praten/voorlezen etc is een algemeen geaccepteerde manier om een kind al vroeg wat taalvaardigheid bij te brengen. Tot zover het goede werk waar de bibliotheek actief mee helpt.
Onbekend is nog wat er met het kind gebeurt als het ipv een achterstand, een voorsprong opbouwt.
Als het even verkeerd uitpakt wordt het misschien een monologen-kampioen met een motorische handicap ?
Wat moet je doen of zeggen als buikige bemiddelaar om een prater/preker/luisteraar/muzikant/veelzijdig dilletant te ontwikkelen ? En willen we dat ook ?
Nu ja, eerst wat meer wetenschappelijke onderbouwing voordat de bibliotheek zich al te intensief gaat bemoeien met deze doelgroep.
Tot die tijd een onwetenschappelijk advies: Aanstaande ouders grijp deze kans, stimuleer de buikdialoog, praat en laat stiltes vallen/ lees voor/ draag voor / imiteer stemmen/ zodat uw kind aan de echte wereld kan wennen.
Buikspreken is vast beter dan navelstaren, lijkt me.
Veel was er niet bekend, maar in Finland waren er wel proeven gedaan, die er op wezen dat baby's sterker reageerde op woorden die 'vooraf' waren gehoord.
Onmiddelijk dacht ik aan een bibliotheek-cursus voor zwangere vrouwen en hun vruchten, als je dat zo mag zeggen.
Ook de naam voor de cursus was snel gevonden, buikspreker leek me wel wat, buikfluisteraar bedacht ik later en Prena-talig daarna.
Het ergste wat een kind tegenwoordig kan overkomen, is dat het een achterstand oploopt, met name op taalontwikkelingsgebied.
Daarom zijn er programma's zoals Boekstart ontwikkeld, met babyboekjes en de Voorleesexpress,het stimuleren van voorlezen.
Eerlijk is eerlijk, het stimuleren van luisteren/praten/voorlezen etc is een algemeen geaccepteerde manier om een kind al vroeg wat taalvaardigheid bij te brengen. Tot zover het goede werk waar de bibliotheek actief mee helpt.
Onbekend is nog wat er met het kind gebeurt als het ipv een achterstand, een voorsprong opbouwt.
Als het even verkeerd uitpakt wordt het misschien een monologen-kampioen met een motorische handicap ?
Wat moet je doen of zeggen als buikige bemiddelaar om een prater/preker/luisteraar/muzikant/veelzijdig dilletant te ontwikkelen ? En willen we dat ook ?
Nu ja, eerst wat meer wetenschappelijke onderbouwing voordat de bibliotheek zich al te intensief gaat bemoeien met deze doelgroep.
Tot die tijd een onwetenschappelijk advies: Aanstaande ouders grijp deze kans, stimuleer de buikdialoog, praat en laat stiltes vallen/ lees voor/ draag voor / imiteer stemmen/ zodat uw kind aan de echte wereld kan wennen.
Buikspreken is vast beter dan navelstaren, lijkt me.
maandag 26 augustus 2013
Engels als Esperanto; kans voor Nederland
In Nederland worden buitenlandstalige film/series e.d ondertiteld.
Mede door de ondertiteling is met wat extra inspanning, de middelbareschool-kennis van het Engels eenvoudig te onderhouden, dan wel te verbeteren.Tenslotte worden de meeste series e.d. in het Engels geproduceerd.
Vooropgesteld dat film/tv-kijken een regelmatige gewoonte is, natuurlijk. Voor populaire muziek geldt ongeveer hetzelfde, evenals voor vakliteratuur in de wetenschappelijke wereld.
Door het huidige prijzenbeleid van e-books in Nederland, kunnen e-leners vrij eenvoudig overstappen naar het Engelse kamp. Een veel grote markt en digitaal ook voor lagere prijzen aangeboden.
Mijn advies aan Nederlandstalige uitgevers/schrijvers: If you can't beat them, join them.
Vraag de nl-auteur bijvoorbeeld om een tweetalig manuscript en/of laat het vertalen en geef de engelstalige variant een veel lagere e-book prijs.
Voor papierlezen in het Nederlands betaal je de hoogste prijs, het e-bookNL is veel goedkoper, maar niet zo spotgoedkoop als het Engelse e-book.
Misschien wordt er een nieuwe buitenlandse markt aangeboord en wordt de NL-cultuur hierdoor mede 'wereldwijder' verspreid.
Nu ja, de praktijk zal wel weerbarstiger zijn dan deze paar alinea's, vertalen is de combinatie van tweetalige kennis en wegen en wikken. Maar misschien is het voor sommige uitgaven een mogelijkheid om de markt te vergroten,
en geeft het Nederlanders een wat realistischer beeld van consumentenprijs/kostprijs en omzetmogelijkheden. Wat zijn eigenlijk de kosten van een kleine taalmarkt ?
donderdag 22 augustus 2013
wolvendoders en papieren tijgers
Testblogje
De laatste tijd lijkt het of achter elke Nederlandse boom een jager staat te wachten op een wolf.
Anderhalve eeuw wolfloosheid heeft de bloeddorstigheid van de jagers blijkbaar niet doen bedaren,
want in het collectieve geheugen staat de wolf nog steeds symbool van ongebreidelde agressie tegen
alles wat onschuldig is. Misschien kunnen sommige vrouwen rood als kapjeskleur kiezen, want roodkapje is de ultieme onschuld, maar dit terzijde.
Ik geef toe, de komende vergelijking is misschien wat vergezocht, maar omdat dit een testblogje is
vergeef ik het mijzelf. In vergelijking met veel vergelijkende mensen die nooit iets toegeven,
mankeert er nou ook weer niet zoveel aan.
Tegenwoordig staat naast elke bibliotheekkast een boekverbrander te wachten
die op het door het rijk gesanctioneerde moment,
gewillig de peterolie of flambeerbare drank
rijkelijk besprenkeld over de weerloze papieren tijgers.
Papieren tijgers, onze boeken, staan in het collectieve geheugen van de potentieele boekverbranders nu eenmaal symbool voor achterlijkheid.
En dan doelen zij niet op de inhoud, maar op de vorm.
Alles kan/moet digitaal, dus moet ook digitaal.
Het recht op langzaam leven, lowtechlife, zoals ik het ook wel noem, wordt ook aan rustige bladspiegelminnende bejaarden ontzegd.
Alsof telefoontjes en tablets vanzelf worden opgeladen en alsof elektronische boekleveranciers je de elektronische bestanden echt geven, zonder registratie/terughaalbaarheid. Alsof je als vaak wat jongere leesbrildragende het leuk vind om na drie/vier zinnen op het ultramoderne touchscreen te vingerslepen om de volgende alinea te kunnen lezen. Een grootletterboek in een te kleine behuizing, voldoet redelijk voor op vakantie of onderweg
Oh klein bladspiegeltje op mijn schoot,
met jouw 6 inch-schermpje kom ik toch echt in geheugennood.
Nu ja, begrijp mij goed, niets heb ik tegen gadgets en vernieuwing,een spotify voor boeken zie ik het liefst in samenwerking
met bibliotheken georganiseerd.
zelfs begrijp ik de drang naar bezuiniging,
maar eeuwenoude bewezen lees/leermethoden met een ruime bladspiegel,
geef je niet aan boekverbrander, voordat het nieuwe zich enigzins heeft bewezen.
Of is de bezuinigingsdrift zoveel groter dan het cultureel historisch besef.
Zelfs heb ik bij het Siob-inventarisatie project van lokale vernieuwing gevraagd om
biliotheekmiddelen zodat de digitale leesbaarheid in de bibliotheek verhoogd kan worden,
iets waar de markt op dit moment m.i. niet goed in voorziet. Nu ja, we horen wel wat er van komt.
Tot zover het testblogje
Abonneren op:
Reacties (Atom)